
Het in kanker gespecialiseerde Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis (AVL) en het kankercentrum van het UMC Utrecht willen fuseren.
NRC Handelsblad meldt dat het nieuwe instituut gaat AVL-UMC Utrecht heten.
Het AVL-UMC wordt eigenaar van het huidige ziekenhuis in Slotervaart en van een nog te bouwen centrum op het terrein van het academisch ziekenhuis in Utrecht. De ziekenhuizen tekenen hiertoe maandag een intentieverklaring.
Het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis is bereid, zoals in de intentieverklaring staat, 'het volledige ziekenhuis in te brengen, UMC Utrecht zijn oncologie'. Het personeel van beide ziekenhuizen komt in dienst van het nieuwe instituut. Na 1 januari 2013 hopen ze een definitieve samenwerkingsovereenkomst te kunnen tekenen.
Zeldzame oncologische aandoeningen worden dan verdeeld over de twee vestigingen. De landelijke politiek dringt al langer aan op specialisatie en samengaan van ziekenhuizen. Het is goedkoper wanneer niet elke instelling alles doet en operaties zouden beter verlopen als artsen ze vaker uitvoeren. Wim van Harten, bestuurder van het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis, sluit niet uit later ook in andere steden kankercentra op te richten.
Eerdere gesprekken met het VUMC en het AMC liepen vast. De bestuursvoorzitters van twee andere ziekenhuizen, het AMC en het VUmc, zeiden onlangs al te willen samenwerken en te hopen dat het AVL zich bij hen zou voegen. Gesprekken daarover stagneerden volgens Van Harten omdat 'met name het AMC niet bereid was de oncologische zorg in een apart centrum onder te brengen'. De drie ziekenhuizen hebben nog steeds het plan om intensiever samen te werken, gesprekken over de samenwerking worden nog gevoerd.
Mogelijk komt op het terrein in Utrecht ook een landelijk centrum voor kinderoncologie. Gesprekken daarover verlopen moeizaam. Het zou in Amsterdam komen, maar enkele academische ziekenhuizen zien de oncologische zorg aan kinderen liever op meer dan één plek.
De Amsterdamse ziekenhuisbestuurders voerden hierover gesprekken met burgemeester Eberhard van der Laan, die volgens Van Harten ook vastliepen. Hij ziet zo’n kindercentrum het liefst in Amsterdam. 'Maar dan moet er wel beweging komen in het standpunt van de academische centra, die nodig zijn voor de specialistische kinderzorg. Ik realiseer mij dat dat een gigantische ommekeer betekent.'









